Vergeving
Hieronder vind je de prediking van de jongerendienst over vergeving, recht uit het hart!
Beste gemeente,
Een tijd geleden startte ik in een nieuwe klas. Er was iemand die me niet mocht en dingen vertelde die niet waar zijn over mij. Ik was echt boos en vermeed de persoon. Daar heb ik mee gezeten. Het doet pijn. Op een bepaald moment heb ik wel vergeven. Ik zag dat de persoon was veranderd. Er werd nooit een sorry uitgesproken maar ik zag de verandering wel.
Ik ben uit mijn vriendengroep van het middelbaar gestapt maar kreeg uiteindelijk toch terug contact met een klasgenoot die ook heel veel gemeenschappelijk heeft met mij. Hij wil alleen altijd beter zijn, er bovenuit steken en beter zijn dan de rest. Ik heb er nu met hem over gesproken, eerlijk geweest. Hoewel het de eerste stap is, ben ik er nog niet. Er zit nog heel wat wrevel.
Wanneer ben je laatst boos geweest op iemand om wat jou is aangedaan?
Vergeven… mijn oma zei altijd “zand erover, het is vergeten”. Dat gezegde kennen jullie vast wel … Is dat vergeven?
Wat is vergeven? Is het vergeven en vergeten? Wil vergeven ook zeggen dat er geen gevolgen zijn aan de zonde? Het is niet zo simpel. We willen vandaag met jullie stukje voor stukje in het thema vergeven duiken. Een thema die ons allen diep raakt: ongeacht de leeftijd, ongeacht je afkomst … vergeven is een thema voor ons allen.
- Hoe kijkt God naar vergeving?
De Bijbel is daar opvallend helder over. In 1 Johannes 1:9 lezen we: “Als wij onze zonden belijden, is Hij trouw en rechtvaardig om ons de zonden te vergeven.”
Gods vergeving is geen vage hoop, maar een belofte. De voorwaarde is duidelijk: wij worden geroepen om onze zonden te belijden. Er is geen zonde die God niet wil of kan vergeven, maar Hij vraagt eerlijkheid en openheid. En God houdt zich aan Zijn woord: Hij is trouw en rechtvaardig. De voorwaarde is ook duidelijk: als we vergeving willen, moeten we dit zelf ook inzien en vertellen aan God. We leggen onze zonden bij hem en dan ontvangen we vergeving.
Dat zien we ook prachtig terug in Psalm 103. God is liefdevol, genadig en geduldig. Hij blijft niet twisten en straft ons niet naar onze zonden. Onze overtredingen verwijdert Hij zo ver van ons als het oosten is van het westen. Met andere woorden: wat God vergeeft, haalt Hij niet meer terug. Wij kunnen er zelf niet meer aan. God vergeeft op een andere manier dan mensen.
De profeet Micha roept het verwonderd uit: “Wie is een God als U, die schuld vergeeft?” God doet zonden werkelijk teniet. Niet bedekt, niet tijdelijk, maar echt weggedaan. Dat is anders dan hoe wij het doen. We vergeten de zonde niet die ons is aangedaan. We vergeven misschien wel maar we vergeten het niet. God gaat ver, zo ver dat hij onze zonden teniet doet, hij vergeet onze zonde. Bij het laatste oordeel worden onze zonden niet meer aangerekend.
God is zoals de koning in het verhaal van Mattheus: hij beseft dat mensen niet in staat zijn de prijs voor hun zonden te betalen, dat ze vaak gevangen zitten in hun schuld en de koning kreeg medelijden met een grote schuldenaar en liet hem vrij en schold hem alle schuld vrij.
Hoe prachtig is het dat je vergeven en zonder schuld bij God mag komen. Voel jij dat ook, die opluchting? Ik krijg het er warm van en er valt een brok van mijn schouders. Voelen jullie dat ook?
Die kracht … we komen vergeven en vrij van schuld bij God …
Mooi toch?
Als we dat beseffen, hoe gezegend zijn we dan wel niet dat wij vanuit die belofte mogen leven. Wij starten vanuit Gods vergeving. Dat houden we samen met jullie even vast als we verder gaan in de bijbel.
- Wat zegt Jezus over vergeving
In Jezus zien we hoe vergeving eruitziet in de praktijk. Aan het kruis bidt Hij: “Vader, vergeef hun, want zij weten niet wat zij doen.” (Lucas 23:34)
Let op: Jezus spreekt dit terwijl Hij er nog middenin zit. Hij hangt onschuldig aan het kruis, de spijkers in handen en voeten, de zwaarst mogelijke straf heeft Jezus gekregen. Hij beleeft en doorvoelt al de pijn. Er wordt hem groot onrecht aangedaan en terwijl dit onrecht nog bezig is, spreekt Jezus de woorden: “Vader, vergeef hen, want zij weten niet wat zij doen”. Vergeving blijkt hier geen gevoel, maar een beslissing. Als wij over vergeving praten, dan zeggen we vaak: “ik zal wel komen tot vergeving, maar nu nog niet, het gevoel is er nog niet”. Jezus had ‘dat gevoel’ op dat moment zeker ook nog niet. Het onrecht was nog volop gaande en Jezus leed veel pijn. Hij werd bespot, belachelijk gemaakt en uitgedaagd. Dat is niet de context waarop je een gevoel van ‘vergeven’ krijgt. Hij besliste om te vergeven. Een belangrijk element dat we zeker vasthouden.
Jezus gaf zijn leven voor de vergeving van alle zondige mensen. Hoe groots is dat?
Jezus stierf zodat wij vergeven konden worden en zo dichter bij God konden komen. Ik denk niet dat er een groter geschenk is dan dat? Toch?
Ook in het verhaal van de overspelige vrouw (Johannes 8) zien we vergeving. De overspelige vrouw wordt bij Jezus gebracht met de vraag om het oordeel uit te spreken haar te stenigen. Jezus antwoordt: “wie zonder zonden is, werpe de eerste steen”. We lezen daarna dat iedereen vertrekt. Maar dan krijgen we iets bijzonders: Jezus zegt tegen de vrouw: “Ga en zondig niet meer”. Jezus veroordeelt haar niet. Hij geeft de vrouw een nieuwe kans maar wel met een serieuze opdracht. Vergeving betekent niet dat alles maar blijft zoals het is. Er is een ommekeer nodig. God vergeeft, en roept tegelijk tot verandering. Je kan niet zomaar verder doen maar je moet oprecht werken aan een verandering.
We gaan al even samenvatten, voor we verder gaan:
– God vergeeft onze zonden op voorwaarde dat we bewust zijn van wat we fout doen en dit ook belijden aan God. We moeten het vertellen.
– De vergeving van God is compleet. Hij werpt de zonde in het diepst van de zee. In die wetenschap mogen wij leven.
– Jezus zelf heeft ons voorgedaan hoe we moeten vergeven. Vergeven is een beslissing. We hoeven niet te wacht op het ‘gevoel’ om te vergeven.
– Vergeven wil niet zeggen dat er niets verandert. Er is een ommekeer nodig. De zonde mag niet meer verder gaan.
- Hoe worden wij geroepen om te vergeven?
Als volgelingen van Christus zijn we dus geroepen om anderen lief te hebben en ze te vergeven. Maar is dat wel mogelijk? Moeten we echt altijd iedereen vergeven? ‘Absoluut!’ en Jezus is daar ook heel duidelijk over. In de parabel van de slaaf die weigert te vergeven (Matteüs 18), Jezus laat zien dat wie zelf genade ontvangt, niet kan weigeren die door te geven. Je vergeeft niet één keer, maar 7 x 70 keer. Het lijkt echt hard op een wiskundige berekening, te veel voor mijn goesting zelfs, en tijdens onze voorbereiding heeft de slimste persoon in onze groep het natuurlijk meteen uitgerekend. Het is 490… Maar daar gaat het niet om. De ‘7’ is het getal van volledigheid, van voltooiing. Het getal 70 verwijst naar alle volkeren van de wereld. ‘Zeventig maal zeven’ betekent hier juist: niet tellen, geen grenzen stellen. Het geeft aan dat vergeving is universeel. Dat geldt altijd, overal en voor iedereen.
In de woorden van het Onze Vader (Matteüs 6) klinkt het scherp: “Als jullie anderen vergeven, zal jullie Vader jullie vergeven.” In de gelijkenis die Jezus vertelde, klinkt het nog scherper: wie niet vergeeft, die geeft God over aan de gerechtsbeulen! De gerechtsbeulen, of folteraars, in het echt zijn dat mensen die je lijf kapot maken. Maar als je niet vergeeft, dan gaan er in je innerlijk beulen of folteraars aan het werk. De wrok en de haat en je vreselijke gedachten die alsmaar door je hoofd gaan. Uiteindelijk kunnen ze ook je lijf kwaad doen.
Maar wij hebben meer dan het negatieve alleen als motivatie.
God was eerst. Met zijn liefde en met zijn genade. Nee, we hebben het niet verdiend dat Hij onze straf droeg en het is niet door ons goed leven dat wij verdiend hebben dicht bij Hem te komen. Maar Hij deed het, voor ons. Hij werd gepijnigd. Voor ons, terwijl wij de schuldigen waren.
Juist door de ervaring van Zijn liefde en genade zijn wij in staat om te vergeven. Het is vanuit Gods vergeving, waarover we eerder spraken, dat wij anderen kunnen vergeven. En dit is ook Gods verwachting. Hij toont ons Zijn grote liefde, en vanuit die liefde worden wij geroepen om te vergeven. Wij vergeven elkaar en God vergeeft op zijn beurt weer waar we in de fout gaan.
Paulus vat het samen in Efeziërs 4:32: “Wees goed voor elkaar en vol medeleven, en vergeef elkaar, zoals God u in Christus vergeven heeft.” Dat is de maatstaf.
Door Jezus staan we rechtvaardig voor God. Wij, met al onze zonden, tekortkomingen, onhandigheden, goedbedoelde dingen die verkeerd zijn uitgepakt… we zijn vergeven. Niet een klein beetje, maar helemaal. Door die God die zonde zo serieus neemt!
Zo, staat er: zoals God u in Christus vergeven heeft, vergeef elkaar zo. Wauw!
Dat was wat de koning in Jezus’ parabel wilde! Hij had zijn dienaar vergeven; de dienaar kon niet achterblijven!
- We moeten vertrouwen op God
Maar anderen vergeven is niet altijd gemakkelijk. En soms zelfs onmogelijk. Vooral als we ervan overtuigd zijn dat we eerst verontschuldiging moeten krijgen van degene die ons onrecht heeft aangedaan.
Ik denk echter dat we onze vergeving vooral achterhouden omdat we vinden dat de ander die niet verdient. Omdat we hun fouten niet willen rechtvaardigen.
Maar vergeven betekent niet dat wij het kwaad goedpraten. Romeinen 12 zegt dat God het oordeel over het kwaad op Zich neemt. Wij hoeven geen rechter te spelen. Zelfs als iemand iets heel ergs heeft gedaan.
Zijn we niet stiekem bang… als God rechter is… dat de persoon die ons iets heeft aangedaan misschien ook genade zou krijgen?
Maar is dat een reden om bang te zijn? Want stel dat die persoon tot geloof komt en geraakt wordt door Gods liefde… hij bekeert zich vervolgens… En God vergeeft hem… Dan zouden we moeten juichen, omdat er weer iemand de weg naar God heeft gevonden Maar ik weet niet hoe ik me daarbij voel. Hoe is dat voor jullie? Verdient die persoon geen straf?
Pas op zo’n moment wordt duidelijk hoe moeilijk vergeving is. En ik wil jullie meenemen in onze gedachtegang.
Ten eerste, zal God de zonde veroordelen maar niet de persoon in zijn geheel. Een slechte daad kan vergeven worden, maar dat wil niet zeggen dat er geen gevolgen zijn aan de daad op zich. Iemand kan een schilderij bekladden en je kan die persoon vergeven maar de gevolgen blijven, namelijk: het schilderij is stuk.
Ten tweede en bovenal moeten we het volgende bedenken: stel dat de persoon die jou iets aandeed echt tot bekering komt. Hij of zij zal dan leven in het licht van God en ook tot inzicht komen, nadenken over zijn of haar zonden. Hij gaat beseffen dat hij verkeerd deed en werken aan het oplossen van de gemaakte zonde.
Als die persoon dan zo tot inkeer, tot besef, tot herstel en bovenal tot het niet herhalen van de zonde komt… dan is het toch ook goed? Heb je dan ook niet bereikt wat je wilde bereiken? Toegegeven, dit is in veel gevallen toch een moeilijke. Maar Paulus zei het al aan de christenen van Efeze : vergeef elkaar zoals God u in Christus vergeven heeft !!
En vergeven doet goed
Een misvatting die velen hebben over vergeving is dat je de persoon niet veroordeelt voor zijn of haar wandaden. Maar, vergeving gaat niet over de ander laten ontsnappen aan zijn of haar fouten, maar over jezelf bevrijden en loslaten van bitterheid.
We hebben het tot nu toe vooral over de ander gehad, maar wist je dat vergeving jezelf goed doet? En ook je omgeving? Therapeuten en psychologen zouden dat op vandaag de dag ook kunnen zeggen, maar natuurlijk weet de Bijbel dat al eeuwen.
De Hebreeënbrief waarschuwt voor een wortel van bitterheid. Wrok maakt jouw hart zwaar en laat ruimte voor het kwade. Meer nog, wrok blijft nooit bij jou, maar besmet anderen. Het tast de gemeenschap aan. Als jij het kwaad ruimte geeft, dan neemt het steeds meer ruimte in. Denk eens zelf terug aan een moment waar jij bos was. Hoe was dat? Wat voelde je toen? Als ik boos ben, dan verlies ik alles wat goed is uit het oog. De hele persoon wordt voor mij dan slecht. Ik kan dan misschien beginnen fantaseren hoe ik die persoon het leven zuur kan maken. Fantaseren geeft ruimte aan plannen en plannen geven ruimte aan uitvoering. Je wordt letterlijk opgeslokt door de kwaadheid zodat jij het licht niet meer kunt zien. Vanaf dan ‘zie’ je de ander niet meer. Je ziet dan niet alleen de persoon waarop je boos bent, maar erger nog, je bent blind voor de mensen van wie je houdt, juist omdat het kwaad heerst. Juist omdat de afgod van de wrok en de haat plaats krijgt in jouw hart.
Dat is zo bij iedereen; dat boosheid steeds meer ruimte inneemt. Als je er niets aan doet, zal je boosheid in jouw hart blijven woekeren.
. Denk aan de gerechtsbeulen van de parabel in Mattheus 18. In die zin gaat vergeving niet over de ander maar juist over het helen van jezelf. De vergeving zorgt ervoor dat je het kwade los laat en het in handen geeft van God. Op die manier zorg je voor jouw eigen geluk, want als je verteerd wordt door boosheid, wrok en haat dan is er geen plaats meer voor het licht en dus ook niet voor geluk.
Daarom is eerlijkheid voor God zo belangrijk, dat zaken aan het licht komen. 1 Johannes 1 zegt dat we alleen in het licht kunnen wandelen als we ook onze eigen zonden erkennen, als we ons bewust zijn van wat fout is. Wie dat niet doet, sluit zichzelf af voor Gods werk.
- Hoe doen we dit concreet?
De Bijbel is realistisch. God geeft nooit onmogelijke taken. Taken kunnen moeilijk zijn, ja, maar niet onmogelijk, want we kunnen alles door Christus die ons kracht geeft.
Vergeven kunnen we dus niet uit eigen kracht. Kolossenzen 3 zegt dat we door de Geest leren verdragen en vergeven. Het is Gods kracht in ons. Het is door de Heilige Geest en door Gods kracht, dat we in staat zijn om anderen te vergeven. Het is dus belangrijk om in gebed daarom te vragen.
Tegelijkertijd vereist vergeving ook een keuze. Filippenzen 4 laat zien dat je soms eerst moet beslissen, en dat het gevoel later volgt. Vergeving is vaak een proces dat geduld vereist – met de ander, maar ook met jezelf. Het natuurlijke proces is om net zoveel voor de ander te voelen als voor jezelf. Je hebt veel pijn en je wilt die ander straffen. Dat is onze aard. Deze gevoelens zijn er, en het vereist vaak een proces om tot echte gevoelens van vergeving te komen.
Daarom is gebed onmisbaar. In gesprek met God, vragen we om Zijn Heilige Geest, om kracht die we zelf niet hebben. Wat wij doorgeven, komt altijd voort uit wat wij eerst van God hebben ontvangen.
Dus wat leert God ons vandaag over vergeving:
- We belijden onze zonden aan God en Hij vergeeft ons. Hij vergeeft ons volledig, waardoor we een nieuwe start kunnen maken. Maar, hij verwacht wel een verandering in ons gedrag. Je moet aan de slag zodat je gedrag veranderd.
- Vergeven is een beslissing. We kunnen vandaag beslissen om te vergeven en het gevoel volgt dan wel.
- God zelf roept ons op om te vergeven. Niet 1 keer maar telkens weer. Hij was altijd eerst. En door Zijn liefde te gaan begrijpen, krijgen we kracht om liefde te geven.
- We moeten erop vertrouwen dat God goed doet voor ons en voor de ander.
- Door anderen te vergeven, helpen we ons zelf. We bevrijden ons van boosheid, van haat en wrok, waardoor er ruimte komt voor licht en blijheid. Geef die afgoden geen kans in jouw hart en kies de weg van vergeving.
- Onthou dat je vergeving niet alleen doet. Gelukkig, kun je rekenen op Gods hulp. Gebed helpt jou om te vergeven, omdat je vraagt om Gods hulp. Zonder God kunnen we het niet maar gelukkig moet dat ook niet.
Lieve gemeente, vergeving begint niet bij ons, maar bij God. Vanuit Zijn genade, Zijn liefde en Zijn trouw mogen wij leren leven in het licht, en die vergeving doorgeven aan anderen. Niet omdat het makkelijk is, maar omdat Hij ons is voorgegaan.
Moge Gods Geest ons daarin leiden.
Amen.

