De moerbeiboom en ik!
Ken je dat? Je zit met vrienden aan tafel, het is laat geworden. Iemand zegt: “Ik denk dat ik maar naar huis ga.” Maar meteen klinkt het: “Allé, je gaat toch nog niet lopen… Nog eentje om het af te leren!”
Hij sputtert nog tegen: “Mijn vrouw…”
Maar iemand zegt: “Ach, je vrouw is nu toch al kwaad.”
Een grap, een klein duwtje, een subtiele verleiding. En toch kan precies zo’n moment grote gevolgen hebben: meer spanning in de relatie, een ongeval op de weg, …
Het zijn kleine dingen, die een mens kunnen doen struikelen.
En precies dáárover spreekt Jezus vandaag in Lukas 17. Hij zegt:
Het is onvermijdelijk dat er valstrikken zijn, maar wee degene die ervoor verantwoordelijk is! … Let dus goed op jezelf.
Struikelblokken
Het woord dat hier staat in het Grieks is skándalon. Het betekent: een voorwerp, dat expres op de weg is gelegd, zodat iemand struikelt.
Jezus zegt: fouten en verleidingen zijn onvermijdelijk. We leven in een wereld vol zonde, vol verkeerde impulsen.
Maar, zegt Hij: wee degene die een struikelblok legt.
Hij gebruikt harde woorden: Het is voor die mens beter te verdrinken met een molensteen om zijn nek, dan dat hij een ander van de weg met God afbrengt.
Dat klinkt overdreven. Maar wie een kind van God ten val brengt, raakt het leven van die mens en ook het hart van God zelf.
Daarom: Let op jezelf!
We zijn ons vaak van geen kwaad bewust, omdat we niet op onszelf letten.
We denken vaak dat christen-zijn gaat over enkele gedragsregels die wij zelf dan belangrijk vinden, maar daar is niets christelijks aan. Mijn jongste zoon liet mij een prachtig kortverhaal lezen. Het speelde zich af in het orthodoxe Rusland en daar deed een bijzonder verhaal de ronde: twee mannen beroofden een andere man en ze vermoordden hem. Ze namen de buit mee en bij die buit zat een nog verpakte ham. De één zei tegen de ander: Kom: we gaan die ham opeten! terwijl de ander zei: ben je gek, het is woensdag en dat is een vastendag!
Het geeft heel mooi weer hoe we soms verkapte christenen zijn.
Wij bepalen zelf wel aan welke regels mensen zich moeten houden om bij God uit te komen… De Bijbel is niet voor niets een dik boek en God is liefde!
Let dus goed op jezelf, zegt Jezus.
[1] Het is onvermijdelijk dat er valstrikken zijn, maar wee degene die ervoor verantwoordelijk is! …
[3] Let dus goed op jezelf! Indien een van je broeders of zusters zondigt, spreek die dan ernstig toe; en als ze berouw hebben, vergeef hun.
Van struikelblok naar vergeving
Als een van je broeders of zusters zondigt, zegt Jezus, spreek die dan ernstig toe. Met andere woorden: ben je slachtoffer van iemand die verleidt, benoem het maar. Of zie je iemand die in de verleiding is getrapt, geef het maar aan. De manier waarop je dat doet… dat hangt van de situatie af.
In elk geval is boos zijn tot aan het einde der tijden niet de bedoeling. Er zijn betere manieren om iemand terug naar het rechte pad te verleiden!
Jezus gaat verder over vergeving. Het is misschien wat moeilijk om samenhang te zien in deze woorden, maar die is er wel.
- Iemand niet vergeven, kan op zich al een struikelblok worden of zijn: voor jouzelf betekent niet vergeven: je hart verhardt, bitterheid groeit. Dat is een struikelsteen op de weg van de liefde.
- Voor de ander: die kan ontmoedigd raken en zich van God afkeren. En dat is natuurlijk verschrikkelijk!
Daarom zegt Jezus: “Als je broeder of zuster tegen je zondigt, wijs hen terecht; en als hij berouw heeft, vergeef hem. Zelfs zeven keer per dag.”
Voor de toehoorders van Jezus was dat behoorlijk confronterend. Joodse geschriften van die tijd melden drie keer vergeven als genoeg. Anders zou er misbruik van je vergevingsgezindheid kunnen worden gemaakt of wordt de zonde niet serieus genoeg genomen.
Daar zit iets in, maar ik stel het mij zo voor: iemand die loslippig is, die kan, terwijl hij oefent om het beter te doen, minstens zeven keer op een dag vergeving nodig hebben…
Dat helpt groeien in geduld, in elk geval.
Maar het is dus aanstootgevend voor de eerste toehoorders, voor de leerlingen van Jezus.
Vergeving vraagt geloof
De leerlingen voelen de zwaarte. Steeds maar vergeven, dat is niet makkelijk. Bovendien zijn er situaties, die verschrikkelijk zijn… en mensen die geen berouw hebben… (daarvan zeggen andere teksten dat we die mensen ook moeten vergeven).
Nu denk je misschien aan 30 jaar Dutroux, of seksueel misbruik door een familielid – verschrikkelijk, de pijn, het verraad, aan niemand je pijn kunnen vertellen, de angst waarmee je opstaat en gaat slapen, de schaamte, de deuk in je persoonlijke ontwikkeling.. , misschien denk je aan andere zaken zoals terreurdaden, oorlogsmisdaden, bedrijven die spelen met onze gezondheid, … en daarnaast… vergeving. We kunnen heel lang doorgaan en we kunnen ook letterlijk honderdduizenden voorbeelden geven van zaken die werkelijk in de wereld rondom ons gebeuren … waarbij vergeving schijnbaar onmogelijk lijkt.
Het is menselijk gezien vaak onmogelijk om te vergeven, en dan bedoelen we dat er mensenlevens zijn kapot gegaan, dat er in de menselijke ziel wonden gesneden zijn die nooit meer weggaan…
Het is dus niet gek, dat de leerlingen vragen om meer geloof.
Waarom? Omdat vergeving vaak menselijk onmogelijk is.
Denk aan dat misbruik, dat verraad, een gebroken vertrouwen, een wond die nooit meer heelt. Dan klinkt vergeving bijna onmenselijk.
Er is blijkbaar bovennatuurlijke kracht nodig om zulke zaken te kunnen vergeven. Als we kijken naar de grootste vergevers uit de geschiedenis, dan komen we uit bij Jezus: Heer, vergeef hun, ze weten niet wat ze doen, zei Hij aan het kruis, nochtans waren zijn wonden onuitwisbaar, zelfs na zijn opstanding nog zichtbaar.
En omdat je nu niet zou zeggen, ja, maar dat is Jezus…
De diaken Stefanus deed datzelfde, terwijl hij aan het sterven was door steniging! Hij was misschien ook niet de eerste de beste…; toegegeven. Het is iemand waarvan wij zouden zeggen… hij heeft een groot geloof.
De dialoog van onze tekst speelde zich af voor Jezus en Stefanus deze grootste uitspraken hadden gedaan. Ze zagen het zichzelf niet doen. Ze vroegen om een groter geloof.
Wat staat vergeving in de weg?
Er is pijn. Verdriet. Schade.
Iets wat niet gedaan is, maar wel had gemoeten.
Of iets wat gedaan is en niet had gemogen.
Er kan woede zijn. Teleurstelling.
Iets is gebroken. Een relatie lijdt. Vertrouwen misschien ook.
En dan is er ook nog je hart.
Dat is net een magazijn.
Je kunt er van alles in opslaan.
Liefde, heel veel kussens van liefde.
Maar ook donkere dingen.
Verwijten bijvoorbeeld.
Die groeien goed
Ze lijken wel een klimplant.
Eens ze grip hebben, geraak je er amper nog vanaf.
De wortels woekeren.
Ze maken de ingang van je hart steeds smaller.
Tot er geen ruimte meer is voor liefde om binnen te komen.
Geen ruimte voor vergeving.
Op dat moment zeggen mensen:
“Dat vergeef ik nooit!”
En precies dat woord…
Doet de deur van je hart helemaal dicht.
We zouden hier eindeloos over kunnen doorgaan.
Iedereen heeft pijn. Iedereen heeft zijn verhaal.
Maar Jezus leert ons iets anders:
Vergeef.
Niet één keer. Niet drie keer.
Maar telkens opnieuw.
Zeven keer per dag, als het moet.
In die context vragen de leerlingen:
“Geef ons een groter geloof.”
Maar misschien is er nog iets anders wat we eerst moeten bergrijpen
Wat bedoelen de leerlingen met: geef ons een groter geloof….
Geloof heeft niets met kennis te maken… Het gaat om vertrouwen. Pistis, emoena, gaat over vertrouwen.
Maar vertrouwen waarin dan?
Ik zit hier met mijn pijn en mijn woede… hoe kan vertrouwen op God dan leiden tot vergeving?
Het is vertrouwen op God als rechtvaardige, als Rechter! God laat het kwaad niet zomaar voorbijgaan. Herinner u ook dat Jezus eerst zegt: als je broeder of zuster zondigt, spreek die aan!
Maar daarbovenop is God de Rechter. Je mag op Hem vertrouwen dat Hij rechtvaardig zal oordelen. Hij zal jou rechtvaardig oordelen en Hij zal die ander rechtvaardig oordelen!
En diegene die werkelijk gelooft dat Jezus de straf al heeft gedragen, diegene die dat diep beseft, die ondergaat geen straf meer, want die heeft Jezus voor ons gedragen!
Dat vinden we vaak moeilijk te verteren. Dat wij door God vergeven worden, prima. Maar een ander, die zo veel op zijn kerfstok heeft…
We zijn zo graag zelf rechter.
Ons hart is een en al oordeel. Elk verwijt is een oordeel.
Maar God nodigt ons uit om het los te laten. Verantwoordelijkheid nemen: het benoemen wanneer iemand een verkeerde weg opgaat, maar dan ook loslaten.
Je moet je voorstellen dat God een gigantische boom is en wij, mensen, de mini-onkruidjes onder de gigantische boom. En wij verwijten elkaar – onhoorbaar in ons hart – maar duidelijk hoorbaar voor God… Onvoorstelbaar!
God zegt: laat het los. Geniet van het leven. Geef het aan mij. Geef het verwijt aan mij, en geef je pijn aan mij. Ik ben de God die geneest.
Je hoeft niet je pijn te negeren. Die is belangrijk voor mij. – Vaak denken mensen dat vergeven wil zeggen dat hun pijn er niet toe doet, nee: jouw pijn is belangrijk voor God. Hij is jouw perfecte, liefdevolle Vader, maar sta mij toe jouw pijn te genezen. Geniet van het leven en laat anderen meegenieten.
Dus hebben we geloof nodig om te vergeven? Vertrouwen? Zeker!
Hebben we een groter geloof, een groter vertrouwen nodig?
Daar geeft Jezus een bijzonder antwoord op.
[6] De Heer zei: ‘Als jullie geloof hadden als een mosterdzaadje, zouden jullie tegen die moerbeiboom zeggen: “Trek je wortels uit de grond en plant jezelf in de zee!” en hij zou jullie gehoorzamen.
Ik weet niet of je ooit een boom of grote struik hebt geveld… Het kappen is nog het minste, maar die wortels!! Ik spreek uit ervaring, als je de wortels blootlegt en dan zaag je die zes dikke wortels die je ziet door, dan krijg je nog steeds geen beweging in de stomp van de stam, omdat er ook wortels naar onder toe groeien! (dit verhaal persoonlijker vertellen)
Als je geloof hebt, zo klein als een mosterdzaad, zegt Jezus, dan kan dat een moerbeiboom, een moerbeiboom !!!, dat is een boom die een wortelstelsel heeft van wel drie keer zijn kruin, die zich in alles wat er is: vastbijt, in borduren, zwembaden, rioleringen, rotsen, noem het.
Als je geloof hebt, vertrouwen in God, zo klein als een mosterdzaad, dan kun je de moerbeiboom, die met zijn wortelstelsel je hart helemaal heeft ingenomen, uitrukken en aan de Heer geven! En Hij heelt de wonden, met de kracht van jouw geloof.
Het mosterdzaad wordt in de joodse literatuur als het allerkleinste beschouwd dat nog relevant is. Wij zouden zeggen: als je nog maar een atoom had van geloof…
Maar hoe kom je aan die atoom geloof…
Eenmaal jij besluit dat je ervoor gaat, geeft God jou geloof.
Dan kan het nog steeds zijn dat ongeloof jou parten speelt, maar door steeds meer over God te leren en inzicht te krijgen, gaat dat vertrouwen winnen!
Nederigheid
Jezus is nog niet uitverteld…
Stel dat je erin slaagt iets groots te vergeven. En dat gebeurt hé. De Amish die de moordenaar van hun kinderen hebben vergeven. Paus Johannes Paulus II die zijn bijna-moordenaar vergaf… Dat voelt als een enorme prestatie. Je kunt ook letterlijk voelen hoe je hart bevrijd wordt.
Maar Jezus zegt: ( Als je erin slaagt een grote misdaad te vergeven) “Zeg dan: wij zijn maar eenvoudige knechten, we hebben enkel onze plicht gedaan.”
Voor God liggen de verhoudingen toch weer iets anders: vergeving komt voort uit de wil en uit het geloof. En ja, dat zijn zaken die wij in gang zetten, maar tegelijk is geloof een vrucht van de Geest en Wie is het die ons willen en werken in gang zet? Dat is God.
Dus als je erin geslaagd bent om te vergeven, waw! Maar sla niet op je eigen borst, zing het uit omdat het Koninkrijk dichtbij jou is en wees God dankbaar, Hém komt alle eer toe! Want als jij je wil en je geloof in gang hebt gezet, dan voegt Hij er zijn kracht aan toe!
Dank de Heer, want Hij is het die vrede brengt, die ervoor zorgt dat we niet struikelen.

